Vredespaleis Vrede door Recht

Interieur

Toen de eerste steen van het Vredespaleis tijdens een feestelijke ceremonie werd gelegd, klonk de oproep aan de landen die aan de wieg van het Permanente Hof van Arbitrage hadden gestaan om bijzondere bouwmaterialen en kunstwerken te schenken om het gebouw mee aan te kleden. Zo konden zij uitdrukking geven aan hun steun en geloof in deze nieuwe weg om tot vrede te komen. Er kwamen vazen uit China en Hongarije, door Polen en de Verenigde Staten werd een beeld gestuurd, Turkije en Perzië droegen tapijten aan. Hout en steen kwamen uit Scandinavië en Brazilië, marmer uit Italië. Zo ontstond een gebouw van ongekende internationale allure met een verrassende variëteit aan vormen en kleuren.

Voor de decoratie van de nieuwe vredestempel werd een groep Nederlandse kunstenaars aangetrokken, die de oude ambachten weer een nieuw leven in wilden blazen en net als de architect een voorliefde hadden voor historische stijlen. Ook de natuur vormde voor hen een belangrijke inspiratiebron: overal in het paleis zijn bloemen en planten te zien, verweven met oeroude symbolen van vrede en recht. Hermann Rosse was hoofdverantwoordelijk voor de vele ontwerpen van ramen en plafondschilderingen. De Haagse fabriek Pander en de Delftse firma Braat waren belangrijke leveranciers van het meubilair, Rozenburg en De Porceleyne Fles verzorgden het sierlijke tegelwerk voor de wanden.